In de EU-regels is het beginsel van open internettoegang verankerd: internetverkeer wordt behandeld zonder discriminatie, blokkering, afknijping of prioritering.
Onze inzet voor open internettoegang
De EU-verordening inzake open internettoegang verleent eindgebruikers het rechtstreeks toepasselijke recht op toegang tot en verspreiding van legale inhoud en diensten van hun keuze via hun internettoegangsdienst. In de verordening is ook het beginsel van niet-discriminerend verkeersbeheer vastgelegd. Tegelijkertijd maakt het een redelijk verkeersbeheer en, met de nodige waarborgen, "gespecialiseerde diensten" mogelijk.
Deze verordening (2015/2120), die sinds 2016 van toepassing is, is een belangrijke prestatie voor de digitale strategie van Europa. Gemeenschappelijke EU-regels inzake open internettoegang zorgen ervoor dat dezelfde bepalingen in heel Europa van toepassing zijn.
De handhaving van de regels inzake open internettoegang is een belangrijke taak van de nationale regelgevende instanties (NRI’s), die zoveel mogelijk rekening moeten houden met de herziene Berec-richtsnoeren (.pdf) over de uitvoering van de verordening inzake open internettoegang, die in juni 2020 door Berec zijn vastgesteld en tot wijziging van de richtsnoeren van 30 augustus 2016. De Commissie blijft nauwlettend toezien op de toepassing van de verordening.
Volgens deze regels is het blokkeren, afknijpen en discrimineren van internetverkeer door internetproviders (ISP's) in de EU niet toegestaan. Er zijn 3 uitzonderingen: naleving van wettelijke verplichtingen; integriteit van het netwerk; congestiebeheer in uitzonderlijke en tijdelijke situaties.
Alle verkeer moet gelijk worden behandeld. Er kan bijvoorbeeld geen prioriteit worden gegeven aan verkeer in de internettoegangsdienst. Gelijke behandeling maakt nog steeds een redelijk dagelijks verkeersbeheer mogelijk volgens objectief gerechtvaardigde technische voorschriften, die onafhankelijk moeten zijn van de herkomst of bestemming van het verkeer en van commerciële overwegingen.
De verordening verduidelijkt de vereisten met betrekking tot het aanbieden van gespecialiseerde diensten met specifieke kwaliteitseisen door aanbieders van internettoegang en aanbieders van inhoud en toepassingen. Zij moeten bepaalde waarborgen in acht nemen om ervoor te zorgen dat het open internet niet negatief wordt beïnvloed door de levering van deze diensten.
Gespecialiseerde diensten kunnen niet in de plaats komen van internettoegangsdiensten; ze kunnen alleen worden verstrekt als er voldoende netwerkcapaciteit is om ze aan te bieden naast elke internettoegangsdienst. Bovendien mogen zij niet ten koste gaan van de beschikbaarheid of de algemene kwaliteit van internettoegangsdiensten voor eindgebruikers.
De rol van regelgevers en Berec-richtsnoeren
De nationale regelgevende instanties (NRI's) moeten de marktontwikkelingen volgen. Zij hebben de bevoegdheden en de verplichting om verkeersbeheer, handelspraktijken en overeenkomsten te beoordelen en de verordening doeltreffend te handhaven.
De NRI's moeten er ook voor zorgen dat de kwaliteit van de internettoegangsdienst de technologische vooruitgang weerspiegelt. Zij zijn bevoegd om minimumeisen inzake de kwaliteit van de dienstverlening vast te stellen voor aanbieders van internettoegang en andere passende maatregelen om ervoor te zorgen dat alle eindgebruikers over een open internettoegangsdienst van goede kwaliteit beschikken.
Op 30 augustus 2016 heeft het Orgaan van Europese regelgevende instanties voor elektronische communicatie (Berec), in nauwe samenwerking met de Commissie en na raadpleging van de belanghebbenden, richtsnoeren uitgevaardigd voor de uitvoering van de verplichtingen van de NRI's (.pdf) om bij te dragen tot de consistente toepassing van deze verordening. Deze richtsnoeren helpen de NRI’s om overeenkomsten en handelspraktijken en “gespecialiseerde diensten” te beoordelen aan de hand van een gemeenschappelijke benchmark, om tot consistente beslissingen en handhavingsmaatregelen te komen, en meer.
Berec heeft op 16 juni 2020 zijn geactualiseerde richtsnoeren voor de uitvoering van de verordening inzake open internettoegang herzien en gepubliceerd.
De nieuwe versie van deze richtsnoeren biedt duidelijkheid over commerciële aanbiedingen met gedifferentieerde prijzen of gedifferentieerde kwaliteit. De richtsnoeren zijn opgesteld op basis van de ervaring die de nationale regelgevende instanties en de Commissie de afgelopen vier jaar hebben opgedaan. Ze zijn aangepast om beter te passen bij toekomstige 5G-gebruiksscenario's die meer flexibiliteit, betere kwaliteit en gespecialiseerde diensten voor verbonden objecten zullen bieden.
Jaarlijkse landenverslagen over open internet van nationale regelgevende instanties
Overeenkomstig artikel 5 van de verordening moeten de nationale regelgevende instanties (NRI’s) nauwlettend toezien op en toezien op de naleving van de bepalingen inzake open internet. De NRI's wordt verzocht jaarverslagen te publiceren en deze te delen met de Commissie en Berec.
De Commissie stelt de jaarlijkse landenverslagen die zij van de nationale regelgevende instanties ontvangt, op open internet beschikbaar. Deze verslagen zijn opgesteld door de nationale regelgevende instanties (NRI's) en aan de Commissie en Berec toegezonden.
De meest recente achtste reeks verslagen bestrijkt de periode van 1 mei 2024 tot en met 30 april 2025.
Eerdere verslagen
- de zevende reeks verslagen (1 mei 2022 tot en met 30 april 2023)
- de zesde reeks verslagen (1 mei 2021 tot en met april 2022)
- de vijfde reeks verslagen (1 mei 2020 tot en met 30 april 2021)
- de vierde reeks verslagen (1 mei 2019 tot en met 30 april 2020)
- de derde reeks verslagen (1 mei 2018 tot en met 30 april 2019)
- de tweede reeks verslagen (1 mei 2017 tot en met 30 april 2018)
- de eerste reeks verslagen (1 mei 2016 tot en met 30 april 2017)
Verslag van de Commissie over open-internettoegang
De Commissie heeft op 30 april 2019 een verslag uitgebracht over de uitvoering van de verordening inzake open-internettoegang. Het doel van het verslag was de bepalingen van de verordening inzake open internettoegang te herzien. De Commissie vergeleek de situatie in 2019 met die in 2015 en concludeerde dat de beginselen van de verordening passend en doeltreffend zijn bij de bescherming van de rechten van eindgebruikers en de bevordering van het internet als motor van innovatie.
In dit stadium zijn geen wijzigingen van de verordening voorgesteld om deze periode van stabiele regelgeving voort te zetten en om de rechten van eindgebruikers te blijven beschermen en open toegang tot het internet te bevorderen.
De Commissie zal de ontwikkelingen op de markt blijven volgen en om de vier jaar een verslag over de verordening inzake open internettoegang uitbrengen.



